Damesvoetbal

ingevoerd op 6-9-2009

Gepubliceerd:

Damesvoetbal

Wie langs de lijn van een voetbalveld zin heeft in een hoog oplopende discussie, raad ik aan over damesvoetbal te beginnen. Dat is goed voor gepeperde uitspraken , spottende blikken, en na verloop van tijd een grote kakafonie. De nuance is nergens te vinden, en dat is in zekere zin een verademing. Het is namelijk een onderwerp waar je niet genuanceerd in mag zijn.
Er zijn voorstanders en er zijn tegenstanders, een positie daar tussenin is nauwelijks voor te stellen. Voorstanders tonen ook geen enkel begrip voor de tegenstanders. De tegenstanders kijken bij voorbaat vermoeid als de voorstanders er weer eens over gaan beginnen. Ik houd nooit op, zal ik u zeggen.
Het is toch eigenlijk een merkwaardige zaak dat deze discussie nog steeds in ons land speelt, en nog wel rondom een volkssport. Voor de tegenstanders geldt dat de helft van het volk van actieve deelname wordt uitgesloten. Er zijn dus voetballers, en die doen het. En er zijn voetbalvrouwen en die doen het niet, althans niet anders dan met voetballers. Vrouwen staan langs de lijn, en mannen in het veld. De vraag is wat er met de wereld gaat gebeuren als die vrouwen binnen de lijnen worden toegelaten.
Op de sportvelden zie je al jarenlang steeds meer meisjes voetballen. Vaak zijn het er nog een paar per elftal, een heel enkele keer zie je zelfs een heel elftal tienermeisjes achter een bal aanhollen.
Eén misverstand kan meteen uit de weg geruimd worden: meisjes kunnen wél voetballen, wat men ook beweert. Ze doen qua behendigheid, snelheid en techniek niet onder voor de jongens. Fysiek boezemen ze met hun ontluikende vrouwenlichamen de tienerjongens een groot ontzag in dus van fysiek contact is voorlopig nog geen sprake. Ik heb jongens schichtig zien wegschieten op het moment dat het meisjeslichaam binnen een straal van 30 centimeter kwam: dat lijkt me toch ideaal voetballen voor zo’n meisje. En zodoende heb ik tot nu toe nog niet een meisjesteam gezien die het tegen leeftijdgenoten moest afleggen, maar ik heb wél afdroogpartijen gezien waar menig jongen niet meer aan herinnerd wenst te worden. Erg geestig kan ik u melden.
Voetbal is natuurlijk de meest conservatieve sport die er bestaat, misschien is dat ook wel de reden dat het een oprechte volkssport is. En dus hebben we nog geen alternatief voor de buitenspelregel, gebruiken we ook nog geen camera’s om de scheidsrechters te helpen en zo laten we de vrouwen het liefste waar ze horen: aan de zijlijn.
De meisjes zijn intussen in hun opmars al ver gekomen, kijk maar naar de mooie successen van de meiden van Vera Pauw tijdens het EK in Finland. Ik sluit niet uit dat het met damesvoetbal hetzelfde zal gaan als met dameshockey. Op een gegeven moment winnen ze prijzen, komen ze met goud thuis, maken we er ‘babes’ van. En dan doen ze het net als de hockeydames beter dan de mannen. Die slaan harder en schieten ook harder dan de meisjes, maar winnen al jarenlang ‘bijna maar net niet’ een prijs bij de grote tournooien.
Op lager niveau worden jongens en meisjes van de voetbalclub verliefd op elkaar, worden de voetbalfeesten geduchte concurrenten van de hockeyfeesten, en gaat ons verenigingsleven bloeien en groeien als nooit tevoren.
Als we écht Olympisch willen denken, dan moet het ons ernst zijn met het damesvoetbal. Bovendien verdubbelen we de kansen op clubsuccessen en nationale trots . Wat willen we nou nog meer?
Sport staat voor meedoen, wie anderen niet laat meedoen begrijpt niets van de sport.
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten
Rutger Koopmans.
Standaardsite gemaakt met website software van Ziber | Design De Graaf & Partners