De cijfers en het moreel verval

Het nieuws over de recessie is ingeslagen als een bom. Een krimp van -/- 3,5%. Dingen die sinds de jaren’30 niet meer voorgekomen zijn. Chrysler en GM bijna failliet. Semi publieke instellingen die als een kaartenhuis in elkaar zakken, woningbouwcorporaties en ziekenhuizen die van onvermogen, onbenul en onkunde in elkaar blijken te zitten. CEO’s die vanaf de top van de apenrots naar beneden tuimelen en in een permanente ziekenboeg belanden. En zakkenvullers, wiens zakken plotseling door leugen en bedrog blijken te zijn gevuld.

Het is crisis, echt crisis, niemand kan er nu nog aan twijfelen.  Het schuift, en nogal hard ook, en ook maar één richting uit, nl benedenwaarts.

Ik ben zelf ook wel geschrokken want op 9 februari jl schreef ik vanuit India nog dat ik niet verbaasd zou zijn als de economie met 4-5% zou krimpen, maar toen had ik het over 2009. Als het CPB, bekend als ‘late’ trendvolger, nú al op 3,5% uitkomt, dan kun je er vergif op innemen dat die voorspelling in de loop van het jaar bij ongwijzigde omstandigheden zeker op -/-5% zal uitkomen.
Laten we ook niet vergeten dat er nóg een grote crisis op ons afkomt, en die is nog in geen enkele voorspelling opgenomen. Als de economie zó beroerd draait, kun je erop wachten dat er een onroerend goed crisis losbarst, klein of groot. Mensen zullen door verlies van werk en inkomen hun hypotheek niet meer kunnen betalen, onverkochte onroerend goed projecten zullen ontwikkelaars tot faillissementen brengen, en het gebrek aan bancaire financiering zal dit proces versterken. Niets erger voor een markt onder druk dan een krimpende liquiditeit, want dan kan zelfs de goede transactie niet meer zijn weg vinden en raakt deze vermengd met de slechte transactie.

Ik ben dus twee keer zo somber dan het CPB en vermoed dat de schade voor de Nederlandse economie voor 2009 heel goed rond de -/- 7,5% zou kunnen uitkomen. Laat ik het zo zeggen: met ieder percentage onder de 10% moeten we rekening houden en ons bij voorbaat verzoenen.

Toch noem ik deze crisis niet in de eerste plaats een economische crisis. Het is bovenal een ethische crisis, een crisis van waarden die uit het oog verloren zijn. De moraliteit in grote delen van onze maatschappij, binnen bedrijven en overheid en individuen, is sterk onder druk komen te staan.
In bijbelse termen gesproken: we dansten om het gouden kalf en dachten torens van Babel te bouwen, en wederom kwamen we bedrogen uit. Ik geloof niet dat God ons gestraft heeft, ik geloof dat we onszelf gestraft hebben. We deden maar wat in ons hoofd opkwam zonder ons goed rekenschap te geven van de ethische norm die we daarmee loslieten. We wezen naar anderen die het óók deden en verdedigden daarmee ons gedrag. We praatten recht wat krom was. We benoemden onszelf tot ‘master of the universe’ en noemden dat globalisering, en vervolgens kwamen we erachter dat als een probleem écht globale vormen begon aan te nemen, wij niet het begin van een antwoord kenden.

Hebzucht maakte zich meester van ons, en wij volgden blind de ster van het grote geld. We noemden dat maximalisatie van aandeelhouderswaarde, hetgeen neerkomt op ‘cashen’ van hetgeen door onze voorouders was opgebouwd. De hebzucht die zich meester maakten van de aandeelhouders van PCM, die hun bedrijf aan de hoogste bieder verkochten, waarna het bedrijf bezweek onder de transactie. De idiotie die ertoe leidde dat onze vaderlandse trots op financieel gebied gestript werd, uitgekleed werd en voor de hoogste bieder als een hoer op de markt te gelde werd gemaakt. Complete bestuurlijke wanorde die zich uitte in onmacht en onkunde van bestuurders en toezichthouders. De bakermat van de industrialisatie in Nederland, Stork NV, hebben we te grave gedragen naar Ijsland, naar een onduidelijk private equity bedrijf dat gevoed wordt door nog onduidelijker Russisch geld. Ons past een diepe schaamte over de schade die wij de economie hebben aangebracht door zó roekeloos voor ons eigen geld, ons eigen belang en ons eigen optiepakket te kiezen.

Iedereen in dit land is sinds een aantal jaren aan het beleggen geslagen, maar slechts heel weinigen hebben er verstand van. Het gevolg is dat we ons in grote getale door de adviezen van banken, Madoff’s en Van der Berg’s laten leiden en geen flauw idee hebben van de validiteit van hun adviezen. Het enige dat telt is het verhaal dat we vertellen aan onze vrienden, familieleden en collega’s over onze beleggingswinsten. Schande en schaamte is ons terechte deel.

Een salaris is tegenwoordig pas een salaris als je het als een factor van de Balkenende kunt uitdrukken. Iedere sukkel die minder verdient is beklagenswaardig, heeft het licht niet gezien of is een mislukkeling. Klagen over de hoogte van je salaris, ik vind het wel zó’n flagrant gebrek aan beschaving. Het wijzen naar anderen, en zeggen dat je toch eigenlijk méér verdient dan zij, geeft aan dat je je eigen normen relateert aan anderen en niet aan je eigen overtuiging. Wat een armoede.

Het ethisch verval heeft hard toegeslagen. Bij de bankiers die zich door hun hebzucht van hun nobele nutsfunctie lieten afbrengen om voor het grote geld te gaan. Bij de leden van de Raden van Toezicht, die in sommige gevallen wel dertig van dat soort betaalde banen hebben en die beweren dat zoiets moet kunnen (anderen doen het ook). Bij de bestuurder die zijn zakken vult en zegt dat zoiets in Amerika heel gewoon is. Bij mensen die er alles aan doen om hun normale belastingverplichting te ontlopen, en bij de mensen die zichzelf beklagen als ze hun geld verliezen aan bedriegers, banken en boeven terwijl ze verlekkerd vanwege zo’n hoog beloofd rendement met ze in zee gingen.

Het goede van deze crisis is, dat hij ons heel erg op onszelf terugwerpt. Op wie wij zelf zijn, wat we zelf voorstellen, wie we willen zijn voor onszelf en onze omgeving. Misschien dat deze crisis ons op enig moment ook tot het besef zal brengen hoe vreselijk we de weg kwijtgeraakt zijn in de afgelopen jaren. Het is niet eerlijk om met onze vinger naar de bankiers te wijzen, al stonden zij glansrijk in het middelpunt van de zelfverrijking en hebzucht in de afgelopen jaren. We deden allemaal mee of wilden dat maar al te graag.
En nu zitten we op de blaren. Laat het maar goed pijn doen, want dat is een gezond leerproces, en door schade en schande worden we misschien ooit nog wijs.

18 februari 2009
 
Alle gegevens onder voorbehoud van typefouten
Rutger Koopmans.
Standaardsite gemaakt met website software van Ziber | Design De Graaf & Partners